Bij een lage rentestand kan het voor mensen met een hypotheek aantrekkelijk zijn om hun lening over te sluiten. Een andere reden voor oversluiting is bijvoorbeeld een wijziging in de persoonlijke situatie. Gezinsuitbreiding of verandering van baan zijn hier twee goede voorbeelden van.
Het verlagen van de maandlasten is eigenlijk de belangrijkste reden om de hypothecaire lening over te sluiten. Het oversluiten van een hypotheek houdt echter niet in dat je er financieel gezien altijd op vooruit gaat. Aan het oversluiten van een hypotheek zijn namelijk wel een aantal kosten gebonden.
In bepaalde gevallen krijg je te maken met een boeterente. De hoogte van de boeterente is van een aantal factoren afhankelijk. Als de renteperiode verstreken is, betaal je geen boeterente meer.
De boete wordt bepaald met behulp van de actuele rente en je (eventueel vastgestelde) tarief. Globaal betreft dit de gemiste rente door de geldverstrekker ten opzicht van een actuele rente. De boete kan aardig in de papieren lopen. Er zijn verschillende rekenmodellen waarmee de boete berekend wordt. Veel financiële instellingen maken gebruik van de zogenaamde Contante Waarde Methode.
Naast een eventuele boeterente zijn er ook nog een aantal andere kosten waarmee je te maken kunt krijgen. Als je besluit om met een andere hypotheekverstrekker in zee te gaan, dan zal de woning opnieuw getaxeerd moeten worden. Daarnaast krijg je wederom te maken met afsluit- en notariskosten. Bij elkaar opgeteld kunnen deze kosten ervoor zorgen dat oversluiten, ondanks een lagere rente, niet altijd voordeliger is.